Buitenplaats Boekenrode

Ligging

Aerdenhout - Boekenrodeweg 9

Andere benaming

(Boekenroode), Klooster Sint Franciscus Alverna

Geschiedenis

Eind 16e eeuw was het terrein nog eigendom van de vrouw van Jan Gijsbrechtsz. Crabbemors, Cornelia Jacobsdr. van Huessen. Na haar overlijden in 1620 werd Outgert Pietersz., oud-schepen van Haarlem de nieuwe eigenaar. De naam ‘Boekenrode’ is nu voor het eerst formeel als naam van de hofstede genoemd. Hij breidde het grondgebied in 1625 uit en verfraaide de hofstede tot een herenhuis.

In 1662 wordt het verkocht voor ƒ 24.000,-- aan de diplomaat mr. Pieter de Groot (1615 - 1678), pensionaris van Amsterdam. Er is sprake van ‘een nieuw wel betimmerd huys ende stallinge met het wagenhuys, mitsgaders vijver, boomgaerd, mantelingh ende een partij wei- en hooiland samen groot 16 morgen 585 roeden.’ Toen de Leidse Vaart in 1657 werd gegraven liet hij op zijn terrein een particuliere (voor)laan aanleggen om via een poort in de tuinmuur een steiger in de Leidse Vaart te bereiken. Zijn tweede echtgenoot (tevens nicht) Alida de Groot heeft de buitenplaats nog enige jaren aangehouden voor de minderjarige kinderen uit zijn eerste huwelijk. In 1683 word de buitenplaats verkocht aan de Haarlemse burgemeester mr. Diederik Dikx (1650 - 1719) voor een bedrag van ƒ 29.000,--. Deze liet een vinkenbaan aanleggen in het westelijk bosgebied. Ook wordt in die tijd aan het eind van een van de lanen een theekoepel gebouwd en wordt de moestuin voor zien van muren. Na zijn overlijden hebben de kinderen de buitenplaats nog bijna 15 jaar in bezit gehouden. In 1724 heeft men een vergeefse poging gedaan om het landgoed te verkopen.

In 1734 wordt uiteindelijk, door de erfgenamen van Dikx, de buitenplaats voor ƒ 30.000,-- verkocht aan Gilles van Bempden (1697 – 1748). Hij was raad en oud-schepen, later burgemeester van Amsterdam, die tevens het kleinere (Achter)Koekkoek aankocht van Jan van Loon voor ƒ 7.600,--. Was getrouwd met Lady Catherine Grey.

Na het overlijden van Bempden is het huis in eigendom gekomen van zijn moeder Esther Elizabeth Tulp ( - 1769), weduwe van de in 1722 overleden Jan van Bempten. Zij had al eerder Knapenburg nabij Berkenrode geërfd. Zij liet in 1747 allerlei verfraaiingen aanbrengen aan de grote stal met fraaie voor- en achtergevel in Renaissancestijl en gaf opdracht de nog bestaande koepel te bouwen.

In 1770 kocht Jonas Witsen (1733 - 1788) voor ƒ 55.000,-- het huis van de erfgenamen van Esther Elisabeth Tulp. Hij was getrouwd met Anna Maria van Marselis.

Bij openbare verkoop werd het huis in 1789 verkocht aan Jan Nicolaas van Eys (1743 – 1818), koopman en magistraat, voor ƒ 50.525,--. Hij verfraaide de woning en het park van een geometrische in een landschappelijke aanleg. Hij schakelde hiervoor tuinarchitect J.G. Michael (1730 – 1800) in. Het landgoed was 200 morgen groot.

Na het overlijden van Van Eys in 1788 liet hij zijn Aerdenhoutse bezittingen na aan de 14-jarige Jacobus Abraham van Lennep. Zijn vader, Pieter van Lennep, betrok met zijn gezin het huis tot de meerderjarigheid van zijn zoon. In 1836 maakte Jacob Abraham van Lennep te Kleef zijn testament op ten gunste van zijn toen zes nog minderjarige dochters.

Na het overlijden van Jacobus Abraham in 1869 verkochten de kinderen in 1870 de buitenplaats aan de oudste dochter van Pieter van Lennep, Margaretha Catharina, weduwe van de Amsterdammer Jan Messchert van Vollenhoven. Zij ging met twee ongetrouwde broers Jacob en Frits van Lennep en haar dochter Maria van Vollenhoven op Boekenrode wonen.

In 1886 verhuurt mw. Van Vollenhoven de buitenplaats aan jonkheer mr. Pieter Teding van Berkhout (1865 – 1935), getrouwd met jkvr. Ida Deutz van Lennep. Na het overlijden van mw. Van Vollenhoven in 1891 wordt het huis en park in 1893 geveild en door de huurder jhr. Pieter Teding van Berkhout voor ƒ 192.500,-- gekocht.

In 1907 werd het huis door de architect Foeke Kuiper vergroot in opdracht van jhr. Teding van Berkhout. De tuinen laat hij veranderen door tuinarchitect Leonard Anthony Springer (1855 – 1940). De familie heeft hier tot 1923 gewoond. In 1924 wordt het huis en directe omgeving verkocht aan de Vereniging der Zusters Franciscanessen van het St. Franciscusklooster te Heemstede. Het huis wordt toen rusthuis en noviciaat van het klooster Sint Franciscus Alverna. Aan de noordzijde wordt hiervoor het herenhuis uitgebreid met een extra vleugel. Een deel van het terrein werd verkaveld en na 1924 met villa's bebouwd.

Sinds 1952 is de zo geheten Congregatie der Zusters Franciscanessen, Dochters van de Heilige Harten van Jezus en Maria te Aerdenhout, eigenares van het klooster bezit. In 2008 zijn het bos en weilanden rondom het klooster verkocht aan de stichting ‘Landschap Noord-Holland’.

Op het terrein zijn nu appartementen gebouwd.

Bewoners

  • < 1599 - 1620 Cornelia Jacobsdr. van Huessen x dhr. Crabbemors
  • 1620 - Outgert Pietersz.
  • 1662 - 1678 mr. Pieter de Groot x Alida de Groot
  • 1678 - 1683 Alida de Groot
  • 1683 - 1719 Diederik Dikx
  • 1719 - 1734 erfgenamen van Dikx
  • 1734 - 1748 Gilles van Bempden x Lady Catherine Grey
  • 1748 - 1769 Esther Elisabeth Tulp
  • 1769 - 1770 erfgenamen van Esther Elisabeth Tulp
  • 1770 - 1788 Jonas (Johannes) Witsen x Anna Maria van Marselis
  • 1789 - 1818 Jan Nicolaas van Eys
  • 1818 - 1869 Jacobus Abraham van Lennep      
  • 1869 - 1870 kinderen van Jacobus Abraham van Lennep
  • 1870 - 1891 Margaretha Catharina van Vollenhoven
  • 1893 - 1924 jhr. Pieter Teding van Berkhout
  • 1924 -  1952 Vereniging der Zusters Franciscanessen van het Sint-Franciscusklooster
  • 1952 - Congregatie der Zusters Franciscanessen, Dochters van de Heilige Harten van Jezus en Maria te Aerdenhout

Huidige doeleinden

  • Appartementen

Opengesteld

  • Niet toegankelijk

Bronverwijzing

  • Noord-Hollands Arcadia
  • Website Librariana.wordpress.com: Hans Krol - "Eigenaren van de hofstede Boekenrode (circa 1580 tot 1924: Alverna)"

Foto's

Foto's © Albert Speelman 2017

@