Buitenplaats Dennenburg

Ligging

Driebergen - Engweg 34

Geschiedenis

De oudste gegevens over Dennenburg komen we tegen in 1642. In dat jaar koopt de eerste eigenaar, Pieter Uyttenboogaert, samen met zijn zonen Seger en Christiaan, enkele percelen van de Staten van Utrecht. Op twee hiervan laat Pieter in 1650 nabij de Langbroekerwetering een hofstede met herenkamer bouwen, die hij de naam Dennenburg geeft. De verdeling van de verdeling van de percelen voert nog terug op de 12e eeuwse ontginning van het gebied. Door het graven van enkele dwarssloten was Dennenburg geheel omgracht.

Hetzelfde geldt voor de siertuin, die ten zuidoosten van Dennenburg werd aangelegd. Dennenburg en de siertuin werden gescheiden door een sloot, waar een bruggetje overheen werd gelegd. Deze sloot werd later vergraven tot de Rodenbergse vaart. Verder werden achter Dennenburg een boomgaard met moestuin en een stuk bos aangelegd. De siertuin had de kenmerken van een Hollandse tuin in renaissancestijl, die zich vooral kenmerkte door een rechthoekig lanenstelsel.

Tien jaar later laat Christiaan Uyttenboogaert ten noordoosten van Dennenburg een tweede hofstede met herenkamer en siertuin bouwen. Deze was ook omgracht en kreeg de naam 'De Hoeve'.

Na de dood van Christiaan komen de beide hofsteden in bezit van zijn twee dochters Margaretha en Catharina. Tegen het einde van de 17e eeuw besluiten deze twee dochters de hofsteden te verkopen. In 1696 gaat De Hoeve over in handen van jonker Louis Knoppert, terwijl drie jaar later, dus in 1699, ook Dennenburg gekocht wordt door deze jonker.

Deze jonker was kapitein in het Staatse leger en had mogelijk financiële problemen, want in 1708 verkoopt hij beide hofsteden aan Maria Suzanne Civille de la Ferté. Of het opzet was of toeval is niet bekend, maar een jaar later lacht het geluk hem weer toe, doordat hij met deze Maria Suzanne trouwt! Daarmee is hij weer eigenaar van de beide hofsteden geworden.

Toch blijft deze jonker problemen houden, want in 1723 wordt hij gedwongen wegens schulden opnieuw alles te verkopen en wel zeer snel. Op de dag van verkoop moest hij zelfs zijn bezittingen direct ontruimen!

De nieuwe eigenaar wordt Johan Carel van der Muelen (1672-1728), die Burgemeester van Utrecht is. Vijf jaar later gaan zijn bezittingen over naar zijn zoon Joseph Elias van der Muelen (1708-1781). Deze is nog maar net eigenaar of hij laat De Hoeve afbreken en vervangen door een nieuw huis. Dit nieuwe huis wordt een kwart slag gedraaid ten opzichte van het vorige herenhuis. Het is een traditioneel symmetrisch herenhuis met 5 trafeeën, twee bouwlagen en een schilddak. Naast het landhuis laat hij in 1729 een nieuwe boerderij bouwen, waarin de kruiskozijnen van het afgebroken huis De Hoeve werden aangebracht.

Deze Joseph Elias was ook Burgemeester van Utrecht en dankzij zijn vrouw "Heer van Maarssenbroek". Pas nu is sprake van een echte buitenplaats, die de naam Dennenburg blijft dragen. De oorspronkelijke hofstede Dennenburg krijgt de nieuwe naam Rooijenberg en vervalt langzaam maar zeker tot schippershuis/daglonerwoning.

In 1743 vindt er een grote uitbreiding van het grondgebied van Dennenburg plaats door de aankoop van het naastgelegen Broekbergen. Dit nieuwe landgoed werd verdeeld onder Joseph Elias en zijn 2 jongere broers Adriaan Balthasar en Samuel. Dennenburg beslaat nu een oppervlakte van 130 ha. Joseph Elias hield veel van Dennenburg en elk najaar vertrok hij met pijn in het hart naar zijn huis in Utrecht.

Hij investeert veel tijd en geld in het landgoed. Zo laat hij in 1745 ten zuidoosten van het huis een sterrenbos aanleggen, voor het huis een tuin in formele stijl en de oprijlaan wordt voorzien van een dubbele rij eikenbomen. Zowel park, sterrenbos als formele tuin zijn na al deze inspanningen omgetoverd in de Franse classicistische tuinstijl. Tot slot worden er ook nog een moestuin en een boomgaard aangelegd.

De oudste zoon van Joseph Elias, Jan Carel (1740-1811) volgt zijn vader op. Deze Jan Carel heeft zitting in het Utrechtse vroedschap en beleeft politiek gezien een moeilijke periode tijdens de Franse overheersing. Jan Carel wordt op zijn beurt weer opgevolgd door zijn dochter Henriëtte, die trouwt met een neef: Joseph Carel van der Muelen, waardoor het huis nog steeds in bezit blijft van de familie Van der Muelen.

Opnieuw ondergaat het landgoed een gedaanteverwisseling, doordat de Franse tuinstijl veranderd wordt in een Engelse landschapsstijl. Dit wordt in 1815 uitgevoerd door tuinarchitect Christiaan George Breitensteyn uit Zeist, die leerling is geweest van J.D. Zocher sr. Ook het huis wordt in 1820 met een extra beuk uitgebreid.

Henriëtte sterft in 1855 en Dennenburg komt in bezit van 3 ongetrouwde dochters. Ze had ook nog twee zonen, maar die erfden resp. Broekbergen en Welgelegen. Nog tot 1889 blijft het huis in bezit van deze 3 dochters.

In 1889 vindt er dan een openbare veiling plaats. Stukken grond worden apart verkocht aan pachters en de Gemeente Driebergen, waardoor nog maar 24 ha overblijft van het oorspronkelijke landgoed. Wat nu overblijft van het landgoed Dennenburg wordt gekocht door J. Manger Cats.

De nieuwe eigenaar laat in 1890 het bestaande huis grotendeels afbreken en vervangen door een nieuw blokvormig herenhuis, inclusief oranjerie, koetshuis met paardenstal en koetsierswoning. Vijftien jaar later staat het huis weer te koop en opnieuw vindt er een opsplitsing plaats. Nog eens 6 ha wordt door de Gemeente Driebergen gekocht en de rest aan de familie De Lanoy Meijer, die tot 1975 eigenaar blijft.

Direct na de aankoop in 1905 wordt door architect Posthumus Meyjes een nieuwe tuinmanswoning ontworpen en het huis wordt uitgebreid met een woonkeuken en gietijzeren serres aan voor- en achterzijde.

Tijdens en na de oorlog treedt het verval van het huis in. In 1951 wordt de theekoepel afgebroken en door de grote droogte in 1976 en de verlaging van het grondwaterpeil zijn veel bomen, met name de beuken er slecht aan toe. De tuinmanswoning is na een brand veranderd in een ruïne.

Het huis is een uit baksteen opgetrokken blokvormig herenhuis, bestaande uit souterrain, bel-etage en een met leien gedekt afgeplat schilddak. Het huis heeft de karakteristieke symmetrische gevelindeling met licht rivaliserende middenpartij, die bekroond wordt door een geprofileerde lijst met balustrade en dakkapel.

De ingangspartij bevindt zich in het midden van de gevel en heeft een dubbele glasdeur met halfrond bovenlicht. Hierboven bevindt zich een vensterpartij, die voorzien is van een hardstenen omlijsting in Lodewijk XIV stijl. Alle ramen van het huis zijn zogenaamde T-vensters; waar de serre zich bevindt, zijn deze T-vensters vervangen door tuindeuren. De hardstenen stoep leidt zowel naar de voordeur als de serre. Tegen de linkerzijgevel is een vijfzijdige erker met balkon erboven aangebouwd, terwijl zich aan de achterzijde ook een serre bevindt.

Op het dak zijn dakkapellen aangebracht. Verder heeft het huis smeedijzeren lantaarns, sierankers en een klokkenstoel.

In het souterrain bevindt zich nog een oud gedeelte met ijskelder van het vorige huis. En de grote vestibule op de bel-etage heeft stucwerk in Engelse trant en verder vinden we verspreid over het huis verschillende fraaie schouwen.

Op het terrein bevinden zich voorts een langhuisboerderij uit 1729 en een oranjerie en koetshuis, beide uit 1890.

In 1981 werd de Stichting Vrienden van Dennenburg opgericht en is Dennenburg nu in gebruik voor het houden van vergaderingen en geven van feesten.

Bewoners

  • 1642 - Pieter Uyttenboogaert
  • - 1699 Margaretha en Catharina
  • 1699 - 1708 Louis Knoppert
  • 1708 - 1723 Maria Suzanne Civille de la Ferté x Louis Knoppert
  • 1723 - 1728 Johan Carel van der Muelen
  • 1728 - Joseph Elian van der Muelen
  • - Jan Carel van der Muelen
  • - 1855 Henriëtte
  • 1855 - 1889 3 dochters van Henriëtte
  • 1889 - 1895 J. Manger Cats
  • 1895 - 1975 familie De Lanoy Meijer
  • 1975 - familie Zwiers
  • 1981 - ca 2006 Stichting Vrienden van Dennenburg

Huidige doeleinden

  • Particuliere bewoning

Opengesteld

  • Niet toegankelijk

Bronverwijzing

  • - Internetsite van Landgoed Dennenburg
  • - F. Gaasbeek en S. van Ginkel-Meester, Driebergen-Rijsenburg: geschiedenis en architectuur
  • - Serie: Monumenten-inventarisatie provincie Utrecht
  • - Kastelen en Buitenplaatsen op en om de Utrechtse Heuvelrug

Foto's © Albert Speelman 2017

@