Huis te Crayenest

Ligging

Heemstede

Geschiedenis

Het behoorde in 1629 toe aan een zekere Alphert Janszoon, terwijl in 1630 en in 1633 een Jacob Gerritszoon als eigenaar voorkomt. In 1641 blijkt dat het perceel reeds in eigendom toebehoort aan Hendrick Lemens die nog in 1657 als eigenaar voorkomt. Hij is vermoedelijk voor of in 1662 overleden, wanneer zijn weduwe, Meynsje de Wolff, eigenaresse blijft. Met haar beide zoons, Hendrik en Abraham Lemens, verkopen zij 'het huis te Crayenest' voor 4.150 gulden op 9 februari 1682 aan Isaack Gorsius te Amsterdam. De hofstede is slechts 1.100 roeden groot.

Gorsius kocht ten noorden van de buitenplaats gelegen herberg 'het Ridderlycke Rusthoff' en werd bij de buitenplaats gevoegd. Ook de tegenover gelegen blekerij werd door hem gekocht. Op 5 maart 1701 verkocht hij zijn bezit aan Hendrik Meulenaer, koopman te Amsterdam, voor 7.500 gulden .

Op 27 januari 1725 kocht Arnoldus Elias samen met Jacob Elias de buitenplaats en verkocht op 1 december 1727 zijn helft voor 2.500 gulden aan laatstgenoemde. Jacob Elias bleef tot 7 juni 1758 eigenaar, want op die dag droeg hij 'het huis te Crayenest' en 'het Ridderlycke Rusthof' voor 7.500 gulden over aan de eigenaar van de buitenplaats Bronstee, mr. Jacob Hop, oud-schepen van de stad Amsterdam en bewindhebber van de West-Indische Compagnie.

Bewoners

  • 1629 - Alphert Janszoon
  • 1630 Jacob Gerritszoon
  • 1641 - Hendrick Lemens x Meynsje de Wolff
  • 1662 - 1682 Meynsje de Wolff
  • 1682 - 1701 Isaack Gorsius
  • 1701 - 1725 Hendrik Meulenaer
  • 1725 - 1727 Arnoldus Elias en Jacob Elias
  • 1727 - 1758 Jacob Elias
  • 1758 - Jacob Hop

Huidige doeleinden

  • Verdwenen

Bronverwijzing

  • Groesbeek, J.W. - Heemstede in de historie - 1972 - pag 80

Foto's © Albert Speelman 2017

@