Buitenplaats De Hartekamp

Ligging

Heemstede - Herenweg 5

Andere benaming

(de Hartecamp, Harte-Camp, De Harte Kamp)

Geschiedenis

Het terrein was in de 16e eeuw in bezit van de familie Van Berkenrode.Via Adriaan van Berkenrode (1543-1605) kwam het terrein aan de familie Van Thorenvliet. Een dochter van Adriaan, Catharina van Berkenrode ( -1599) was getrouwd met Franc van Thorenvliet, burgemeester te Leiden. Hun zoon Cornelis van Thorenvliet trouwde daarna met Catharine van Rhijn. Zij bezat 'de Hartecamp', dat afkomstig was uit de boedel van haar schoonvader. Twee dochters van het echtpaar Cornelis en Catharina, Johanna en Weyduna, zouden na het overlijden van hun ouders 'de Hartecamp' erven.

Zij kregen nog een Berkenrodense efenis, namelijk die van hun oudoom Hendrik van Berkenrode. Hij bleef ongehuwd en maakte zijn achternichtjes Johanna en Weyduna tot zijn erfgenamen. Johanna was al daarvoor al overleden, zodat Weyduna het bezit erfde. Zij was getrouwd met Gilles van Heussen Steffenszoon. De erfgenamen van jonkvrouw Weyduna van Thorenvliet verkochten op 1 april 1662 'de Hartecamp' aan Heyndrick van de Camp, de bewoner van het huis Te Manpad. Het werd omschreven als 'een wooninge, als huijs, bargh, potinge ende plantinge, met weij-, teel- en hooyland, samen groot 10 morgen, 152 roeden.' De koopprijs was 8.880 gulden. HIj gaf het buiten de naam 'de Hartecamp', maar woonde zelf niet op het huis. Ook zijn zoon Gillis vande Camp bewoonde het huis niet. Hij woonde eerst in Haarlem en later in Amsterdam.

Het huis moet toen in verval zijn geraakt, misschien werd het zelf afgebroken. Gilles verkocht het huis als boerderij aan zijn zwager Jacobus Heyblok, rector van de Latijnse school te Amsterdam, op 7 december 1680

Heyblk schreef in zijn vrije tijd gedichten op zijn boerderij, maar vooral bezong hij het aan zijn zwager toebehorende huis te Manpad. Op 4 december 1786 verkocht hij zijn bezit aan Andries Willemszoon van Breelofsbergen, schepen van Heemstede. Deze kon blijkbaar maar 10% van de koopsom van 4.000 gulden contact betalen. Waarschijnlijk was de gehele aankoop ver boven zijn macht gegaan, want op 10 maart 1690 draagt hij zijn bezit over aan Crijn Crijnszoon de Jongh, gerechtsbode van Heemstede. De koper van de hypotheek van 3.600 gulden over en gaf de verkoper 376 gulden toe.

Hij kon niet lang van zijn bezit genieten, want zijn weduwe Geertruijd Vermerck verkocht haar bezit op 24 januari 1693 aan de postmeester Johan Hinlopen voor 5.000 gulden. Het werd omschreven als 'een huijsmanswoninge, bestaande in huizinge, brede stallinge, weij- en teellanden, groot in geheel 12 morgen, 178 roeden'. Hij maakte van de boerderij weer een buitenplaats. Er werd een herenhuis gebouwd en stichtte er een 'orangehuys, een thuynmanshuys en een speelhuys'.

Op 5 mei 1709 werd het door de erfgenamen voor 22.000 gulden verkocht aan George Clifford sr., koopman te Amsterdam. Deze liet in 1724 aan de overkant van de Herenweg met toestemming van de eigenaren van de terreinen aan die zijde een koepel bouwen met zicht op de Haarlemmermeer. De koepel was op de middenas van het huis en tuin geplaatst en op die manier visueel bij de tuin van de buitenplaats getrokken.

 

Tussen 1727 en 1760, onder de zoon van Clifford sr., mr. George Clifford jr. beleefde de buitenplaats zijn bloeitijd. In 1731 pachtte Clifford jr. het terrein aan de overkant van de weg waarop zijn vader in 1724 de koepel had laten bouwen. Clifford verzamelde een unieke plantencollectie op de buitenplaats. De Zweedse botanicus Carolus Linnaeus deed vanaf 1736 onderzoek in deze botanische tuin.

Onder mr. Pieter Clifford, bewindhebber van de WIC, ging de buitenplaats na 1760 geleidelijk achteruit. Het grootste verlies betekende echter de uitverkoop van de buitenplaats na de dood van mr. Pieter Clifford in 1788. De erfgenamen verkochten de buitenplaats voor 34.500 gulden aan Jan Clicquet te Amsterdam. In 1803 werd Johan Christiaan Meijer de eigenaar. Hij liet in die periode grote delen van de tuin nieuw aanleggen in landschapsstijl. Zijn weduwe verkocht de buitenplaats, na het overlijden van Johan, in 1809 aan de beruchte makelaar en grondspeculant Christiaan Stumphius uit Beverwijk voor 42.354 gulden.

Chrisrtiaan Stumphius verkocht de buitenplaats een jaar later aan Daniel Ruijsch voor 28.000 gulden.

 

 

 

In 1809/10 kwam in de eerste decennia van de 19e eeuw een tweede fase van vernieuwing. De eigenaar, de Amsterdamse koopman Mattheus Pieter Brants, liet de tuinen van de buitenplaats opnieuw aanleggen in landschapsstijl door Jan David Zocher jr. tussen 1817 en 1832.

De dochter van Brants, Anna Maria, en haar echtgenoot Baron Barthold A. van Verschuer lieten huis Hartekamp in de tweede helft van de 19e eeuw restaureren door de architect Lucas Hermanus Eberson. Na de dood van het echtpaar Van Verschuer-Brants in 1901 lieten de erven de buitenplaats veilen.

De nieuwe eigenaar werd de Binnenlandsche Exploitatie Maatschappij voor Onroerende Goederen. De overplaats werd gesplitst in twee terreinen, waarvan het ene Eikenrode werd genoemd. Op het andere deel van de overplaats opende in 1954 bloemenpark Linnaeushof zijn poorten. Nog in 1901 verkochtte de maatschappij Eikenrode door aan Nicolaas Vas Visser. Vas Visser liet de architect Johan Adrianus Gerard van der Steur een schilderachtig nieuw huis bouwen. De maatschappij verkocht in 1902 het huis Hartekamp met een deel van het terrein aan mr. W. de Ridder, directeur van de Haagsche Bank. Ook hij liet zijn huis verbouwen door Van der Steur. In 1902 bracht Van der Steur uitbouwsels aan, aan beide kanten van het huis.

In 1921 verbouwde men het huis opnieuw; deze keer werden er twee naar voren springende vleugels toegevoegd naar een ontwerp van de architect H.C. Berchtenbreiter.

Omstreeks 1952 werd de buitenplaats eigendom van de Broeders Penitenten, die er een instelling voor geestelijk gehandicapten van maakten.

Bewoners

  • - 1605 Adriaan van Berkenrode
  • 1605 - Franc van Thorenvliet
  • - Cornelis van Thorenvliet x Catharina van Rhijn
  • - 1662 Weyduna van Thorenvliet x Gilles van Heussen Steffenszoon
  • 1662 - Heyndrick van de Camp
  • - 1680 Gillis van de Camp
  • 1680 - 1687 Jacobus Heyblok
  • 1687 - 1690 Andries Willemszoon van Breelofsbergen x Neeltje IJsbrant
  • 1690 - Crijn Crijnszoon de Jongh x Geertruijd Vermerck
  • 1692 - Johan Hinlopen
  • 1709 - 1727 George Clifford sr.x Anna van Schuylenburgh
  • 1727 - 1760 George Clifford jr. x Johanna Bouwens
  • 1760 - 1788 Pieter Clifford x Johanna Elisbath Trip x Constantia Catharina Sautijn
  • 1788 - 1803 Jan Clicquet x Maria Theresia Andrioli
  • 1803 - 1809 Johan Christiaan Meijer
  • 1809 - 1810 Christiaan Stumphius
  • 1810 - Daniel Ruijsch
  • 1815 - 1816 A. van Zuylen van Nyevelt
  • 1816 - Mattheus Pieter Brants x Agatha Hartsen
  • 1835 - Anna Maria Brants x B.A. baron van Verschuer
  • - 1901 familie Van Verschuer-Brants
  • 1901 - 1902 Binnenlandsche Exploitatie Maatschappij voor Onroerende Goederen
  • 1902 - 1903 W, de Ridder
  • 1903 - 1904 S.A.F. baron Creutz
  • 1904 - Maria C. Kaars Sijpesteyn x P. Smidt van Gelder
  • 1921 - Catalina C.F. G. Roth
  • 1952 - Congregatie der Broeders Penitenten / Daniël de Brouwer Stichting

Huidige doeleinden

  • Kantoor

Opengesteld

  • Het huis is niet toegankelijk
  • Park is vrij toegankelijk

Bronverwijzing

  • Groesbeek, J.W. - Heemstede in de historie - 1972 - pag 37-39
  • Noord-Hollands Arcadia

Foto's © Albert Speelman 2017

@