Buitenplaats Meerwijk

Ligging

Midlaren - Meerwijk 2b

Geschiedenis

De buitenplaats is ontstaan uit het zogenaamde Hartger-Scharz-goed, dat in de middeleeuwen tot de bisschoppelijke tafelgoederen behoorde. Het is door de bisschop aan enige meiers verpacht geweest en in de 16e eeuw verpachtte de nieuwe landsheer Karel van Gelre het aan dr. Rudolf de Mepsche, pastoor te Bedum.

Tussen 1580 en 1594 is de boerderij verbrand door rondtrekkende legerbenden. In 1601 ontving de rentrmeester der domeinen, Harmen Harckens, het goed voor 30 jaar in pacht van de gecommiteerden der Landschap. Hij bouwde een nieuwe boerderij en er vestigde zich een nieuwe meier, Willem Hovinghe.

In 1676 kochten Johan de Drews en Albertina Tjaarda goederen in de stad Groningen, het Gorecht en Drenthe. Door vererving wist hij nog meer goederen te verwerven, o.a. de de boerderij die Harckens had gebouwd. Hij heeft ook de buitenplaats Meerwijk omstreeks 1694 laten bouwen. Het werd vanaf die tijd een "Borgh" genoemd.

In 1709 overleed Johan de Drews. Bij de verdeling van de erfenis in 1710 kreeg zijn zoon Johan de Drews onder andere de "Borgh Meerwijk". In 1695 was hij getrouwd met Lubbinga van Julsingha. In 1759 is Johan de Drews jr. overleden. Erfgenaam en nieuwe eigenaar van Meerwijk was Eiso Tjaarda de Drews. Na het overlijden van Eiso werd Rudolf de Drews eigenaar. Na zijn overlijden in 1806 komt het huis in bezit van zijn ongehuwde dochter Clara Wibbina de Drews (1760-1844). Zij gebruikte de buitenplaats als zomerverblijf, en in de winter woonde zij in de stad.

Na haar overlijden in 1844 probeerden haar erfgenamen Meerwijk te verkopen. Op 8 oktober 1844 wordt het huis te koop gezet. Een nicht van de overledene, Clara Wibbina van Iddekinge, heeft de buitenplaats gekocht. in 1849 is zij getrouwd met de betaalmeester Johannes Herman Paehlig. Zij woonden in Sneek en Midlaren was te veraf gelegen voor een buitenplaats. Zij besloten daarom het buitenplaats te verkopen. De buitenplaats werd gekocht in 1858 door Jan Hessels uit Zuidlaren.

In 1859 heeft hij het verkocht aan jhr. mr. Oncko Quirijn Jacob Johan van Swinderen. Hij heeft het huis in 1861 grondig laten verbouwen. Hij was getrouwd met Catharina Cornelia Naamen, weduwe van Jan van Persijn. In 1844 is Catharina Cornelia Naamen overleden. In 1870 is hij overleden.

Petrus Johannes was zijn erfgenaam. Hij was getrouwd met Christina Willemine Isabelle baronesse Van Imhoff. Na het overlijden van Petrus Johannes in 1911 werd de buitenplaats aan zijn vier kinderen, Oncko Quirijn Jacob Johan, Gustaaf Willem Hendrik, Quirijn Johan en Bernardine Isabelle, verdeeld. In 1934 verkochten zij de buitenplaats aan J. Kamminga te Groningen, die het als pension wilde inrichten.

In 1942 brandde het huis af. De huidige eigenaren hebben het huis in de periode 2008 - 2009 herbouwd.

Bewoners

  • 1601 - Harmen Harckens
  • 1676 - 1709 Johan de Drews sr x Albertina Tjaarda
  • 1710 - 1759 Johan de Drews jr x Lubbinga van Julsingha
  • 1759 - Eiso Tjaarda de Drews
  • - 1806 Rudolf de Drews
  • 1806 - 1844 Clara Wibbina de Drews
  • 1844 erfgenamen van Clara Wibbina de Drews
  • 1844 - 1858 Clara Wibbina van Iddekinge x Johannes Herman Paehlig
  • 1858 - 1859 Jan Hessels
  • 1859 - 1870 jhr. mr. Oncko Quirijn Jacob Johan van Swinderen x Catharina Cornelia Naamen
  • 1870 - 1911 Petrus Johannes x Christina Willemine Isabelle baronesse Van Imhoff
  • 1911 - 1934 Oncko Quirijn Jacob Johan, Gustaaf Willem Hendrik, Quirijn Johan en Bernardine Isabell
  • 1934 - 1942 J. Kamminga
  • - familie Overduin

Huidige doeleinden

Het huis wordt particulier bewoond. Het landgoed is nu in gebruik als bungalowpark Bloemert

Bronverwijzing

  • Huizen van Stand

Foto's © Albert Speelman 2017

@