Buitenplaats Beereveld

Ligging

Nieuwersluis - Rijksstraatweg (de butenplaats heeft gelegen tussen het huis Stichtrust en de boerderij van de buitenplaats Ouderhoek).

Geschiedenis

De naam komen wij het eerst tegen bij de verkoop van Bereveld in 1716. Het betreft dan een "Hofstee, huysinge, boerewoning, timmeragie, plantagie en 15 morgen wei - en hooyland". In juli van dat jaar werd het door Johanna Luyken, weduwe van Guyljam Leenders uit Amsterdam, verkocht. Het was nog geen echte buitenplaats, immers er was geen koetshuis met stal noch een tuinmanswoning, koepel of tuinhuis aanwezig. Er zal bij de boerderij een zomerhuisje gestaan hebben en een begin van een park.

Het huis werd gekocht door de bevriende heren Isaac Arondeaux (16.. - 1728) en Philippus Serrurier (1677/8 - 1751) beiden uit Amsterdam. Zij zouden van Bereveld een volwaardige buitenplaats maken.

In 1728 overleed Arondeaux waarna de bezitting getaxeerd werd. Serrurier nam Arondeaux's helft over en bleef er nog 23 jaar wonen. Zijn vrouw Alida Lups en hij woonden in de winter in Amsterdam op de Keizersgracht nr. 124. IN 1731 kocht hij voor zijn zoon Louis Philippus, van zijn buurvrouw Gerretje Corse Corver het naast gelegen buitenje Jongerhoek. In 1746 kocht hij van Paulus Loot van Santvoort, eigenaar van de buitenplaats Ouderhoek, 9 morgen weiland achter Jongerhoek voor ƒ 3.900,--. Echter in dat zelfde jaar moest hij een deel van Jongerhoek afstaan voor de uitbreiding van fort Nieuwersluis.

Na het overlijden van Philippus in 1751, verkocht zijn weduwe de buitenplaats op 1 november 1751 aan Jacob Pieter de Neufville van Lennep (1723 - 1772) voor ƒ 38.600,--. De akte omschreef het als volgt: "Huis, stallinge en koetshuis, tuinmanswoning met knegtskamer en zestiine en een half morgen grond". Jacob Pieter was getrouwd met Cornelia Bierens (1723 - 1772). Het echtpaar bewoonde in Amsterdam het huis aan de Herengracht 475. Zij konden 21 jaar lang genieten van hun buitenplaats, totdat zij op dramatische wijze het leven lieten bij de Schouwburgbrand in Amsterdam op 11 mei 1772.

Van hun kinderen besloot de enig overlevende in 1773 de buitenplaats te verkopen. Het buiten werd gekocht door de weduwe van Daniël Varlet jr, Marie du Mortier. Na haar overlijden in 1798 lieten de dochters, Catharina en Geertruid, het huis veilen.

De nieuwe eigenaars waren Isbrant Severijn en zijn vrouw Jacoba Ida Hasebroek. In 1811 werd de buitenplaats door Jacoba geveild.

Op 14 september 1811 werd het door de makelaars Gerrit en Jan Twisk gekocht in naam van Abraham Pook van Baggen, bonthandelaar te Amsterdam en eigenaar van plantages in Demerary. De koopprijs was ƒ 16.500,--. Hij woonde zomers zelf op zijn buiten Langgewenscht in Loosdrecht. Hij liet de buitenplaats Bereveld met voortvarendheid afbreken. De kaal geslagen buitenplaats werd als weiland in gebruik genomen waarbij de vijvers nog bleven bestaan. In 1828 ging zijn zoon Willem Pieter Pook van Baggen er toe over om de grond te laten egaliseren en de vijvers te dempen.

Bewoners

  • - 1716 - Johanna Luyken
  • 1716 - 1728 Isaac Arondeaux en Philippus Serrurier
  • 1728 - 1751 Philippus Serrurier x Alida Lups
  • 1751 - 1772 Jacob Pieter de Neufville van Lennep x Cornelia Bierens
  • 1773 - 1798 Marie du Mortier
  • 1798 - 1811 Isbrant Severijn x Jacoba Ida Hasebroek
  • 1811 Abraham Pook van Baggen x Johanna Catharina Berger
  • 1811 - 1826 Johanna Catharina Berger
  • 1826 - Willem Pieter Pook van Baggen

Huidige doeleinden

  • Verdwenen

Bronverwijzing

  • E. Munnig Schmidt, 'Bereveld en Serrurier. Een magnifiek buiten aan de vergetelheid ontrukt en daarmee een weinig bekende Loenense tekenaar, L.P. Serrurier', in: Jaarboekje Niftarlake (2002), p 23-42

Foto's © Albert Speelman 2017

@