Buitenplaats De Grünerie

Ligging

Oegstgeest - Van Cuycklaan 16

Geschiedenis

Symon Willemsz. Tromper verkocht in 1634 de boerderij met omliggende land (3 morgen 300 roeden, ongeveer 3 ha.) aan Marcus Mamuchet, wonende te Leiden. In hetzelfde jaar droeg hij zijn bezit over aan zijn broer Johan, heer van Houdringe. Als geldbelegging had hij landerijen ten oosten van De Bilt in het gewest Utrecht gekocht, waardoor hij zich heer van Houdringe noemde. In Oegstgeest bouwde hij de buitenplaats. De werd genoemd naar het vroegere familiebezit bij Escanaffles in Henegouwen. In de loop der jaren vergrootte hij het bezit door verschillende aankopen. O.a. door aankoop van een noordelijk van De Grünerie gelegen boerderij en land aan de zuidzijde en over de Pastoorswetering. Op het terrein ten noorden van het huis verrees de later de tuinmanswoning Groenhoven. In 1669 werd Johans zoon Johan Frederik meerderjarig en krijgt hij de buitenplaats in zijn bezit.

Door vererving komt omstreeks 1754 de buitenplaats in handen van Jan André van Westrenen, heer van Sterkenburg, zoon van Jacob van Westrenen en Johanna Catharina Mamuchet. Hij breidde de buitenplaats uit door aankoop van de boerderij Wilthoef. Vermoedelijk was hij ook de opdrachtgever van de modernisering, bestaande in de sloop van het 'kasteeltje" van de Mamuchets en de bouw van de 18e eeuwse woning. In 1790 overleed Jan André en zijn dochter Alida Jacoba (1748-1813) werd de nieuwe eigenares. Zij was gehuwd met August Robbert (1743-1811), vrijheer van Heeckeren en heer van Zuideras.

In 1805 werd de buitenplaats geveild, waarna het in handen kwam van Engelina Brethauer. In 1829 werd de buitenplaats wederom geveild. Koper werd Jan Dobbe van Bergen, metselaar en kastelein te Oegstgeest. Casparus Hendrikus Wolff (1775-ca. 1852) werd daaropvolgend de eigenaar. In 1834 verruilde hij de hofstede Duinzigt voor De Günerie. Omstreeks vererfde de buiten op het echtpaar Antoinette Gijsbertha Methorst, gehuwd met Jan Willem Gerard Anthonij van Nouhuys te Almelo. Zij verkopen de buitenplaats in het volgende jaar aan jonkheer Jan Willem Adriaan Barnaart te Amsterdam.

Omstreeks 1900 werden de bomen gekapt en werd het terrein in gereedheid gebracht voor de bloembollenteelt. Na de Tweede Wereldoorlog werd het terrein verkaveld. Alleen de tuin en het huis bleven behouden.

Bewoners

  • - 1634 Symon Willemsz. Tromper
  • 1634 Marcus Mamuchet
  • 1634 - 1669 Johan Mamuchet x Margaretha Pellecorne
  • 1669 - Johan Frederik Mamuchet
  • 1754 - 1790 Jan André van Westrenen
  • 1790 - 1805 Alida Jacoba van Westrenen x August Robbert
  • 1805 - 1829 Engelina Brethauer
  • 1829 - Jan Dobbe van Bergen
  • - 1852 Casparus Hendrikus Wolff
  • 1852 - 1853 Antoinette Gijsbertha Methorst x Jan Willem Gerard Anthonij van Nouhuys
  • 1853 - Jan Willem Adriaan Barnaart
  • - mejuffrouw Zeestraten

Huidige doeleinden

  • Particuliere bewoning

Opengesteld

  • Niet toegankelijk

Bronverwijzing

  • De Leidse Lustwarande. Geschiedenis van de tuinkunst op kastelen en buitenplaatsen rond Leiden, 1600 - 1800.

Foto's © Albert Speelman 2017

@