Buitenplaats De Ypenhof

Ligging

Rotterdam (Kralingen) - 's Gravenweg 86 / Laan van Ypenhof 4

Andere benaming

Lindenhoff

Geschiedenis

In de eerste helft van de 18e eeuw werd de buitenplaats aangelegd door de bekende Rotterdamse koopman Archibald Hope. Hij had reeds in 1716 bij giften van 6 januari en 3 maart het terrein aangekocht. Op 3 maart 1734 werd er een testament opgemaakt voor notaris Jacobus de Berg te Rotterdam, dat na het overlijden van Archibald Hope de buitenplaats aan zijn vrouw Anna Claus zou worden toegewezen. Na het overlijden van de weduwe verkochten de erfgenamen de buitenplaats op 5 september 1753 aan Zacharias Hope voor een bedrag van bijna ƒ 13.000,--.

In een scheidingsakte van 1753, waarbij de kunstverzamelaar Jan Bisschop, die zijn beroemde kunstcollectie later aan de familie Hope zou komen, een van de getuigen was, werd de buitenplaats omschreven als een: "heerenhuis, bouwhuis, tuinmanswoning, koetshuis, stalling, schuren, hooiberg en verdere getimmerte". De beelden, broeiramen, gereedschappen enz. werden voor ƒ 703,-- afzonderlijk overgenomen.

De familie Hope stelde blijkbaar veel op prijs om op haar buitenplaats rustig te kunnen wonen. Meermalen kocht men in de buurt boerderijen en landerijen aan, om ze later weer te verkopen onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat op het verkochte terrein nooit een fabriek, herberg of kolfbaan gevestigd zou mogen worden.

Na Zacharias kwam de buitenplaats in eigendom van Agatha Maria Hope. Na haar dood op 6 december 1805 werd het verkocht door haar erfgenamen aan Michiel Baelde, koopman te Rotterdam. De buitenplaats werd omschreven als: "een wel aangelegde en zeer vermakelijk gelegen buytenplaats, genaamd Lindenhoff, met deszelfs logeabel heerhuys, bouwmanswoning, tuynmanshuys, stalling, koetshuys, salon en verdere getimmertens, met alle cieraden, ramen, lessenaars enz".

Michiel Baelde veranderde de naam van de buitenplaats in Ypenhof. Hij bezat het tot 1827. Hij liet toen de buitenplaats, ook namens de erfgenamen van zijn vrouw Johanna Maria van Ravesteyn, overleden op 4 maart 1813, publiekelijk verkopen.

De buitenplaats werd gekocht door Samuel Dunlop voor een bedrag van ƒ 11.750,-- als gemachtigde van de makelaar Hendrik Willem Wachter. Het bleef in het bezit van de familie tot 1873. Op 6 oktober van dat jaar werd het gekocht door de heer Teunis Henricus Visser.

In 1918 behoorde het huis toe aan de familie De Lange-Visser. De reder A.J.M. Goudriaan kocht het huis in 1927 en gaf vervolgens de architect Willem Kromhout de opdracht een nieuw huis te bouwen. Op het toen 11 hectare groot terrein verrezen rond 1930 een landhuis, gastenhuis, drie chauffeurswoningen en een portierswoning. In de jaren 70 raakte het huis in verval. Een projectontwikkelaar kocht het geheel in 1984, waarna een mysterieuze brand het huis in 1985 in as legde. Tegenwoordig staat er een luxueuze appartementen complex De Ypenhof. Alleen de gerestaureerde portierswoning, de oorspronkelijke toegangsbrug en enkele oude bomen herinneren nog aan het voormalige, indrukwekkende buiten.

Bewoners

  • 1716 - Archibald Hope x Anna Claus
  • - Anna Claus
  • - 1753 erfgenamen van Anna Claus
  • 1753 - Zacharias Hope
  • - 1805 Agatha Maria Hope
  • 1805 - 1827 Michiel Baelde x Johanna Maria van Ravesteyn
  • 1827 - Hendrik Willem Wachter
  • - 1873 familie Wachter
  • 1873 - Teunis Henricus Visser
  • - familie De Lange-Visser
  • 1927 - A.J.M. Goudriaan
  • 1984 - projectontwikkelaar

Huidige doeleinden

  • Appartementencomplex De Ypenhof

Opengesteld

  • Niet toegankelijk

Bronverwijzing

  • Monumenten in Nederland - Zuid-Holland
  • Rotterdamsch jaarboekje 1918 - dr. E.Wiersum "Kralingsche buitenplaatsen II", p 57-59
  • Kastelen en buitenplaatsen in Zuid-Holland

Foto's © Albert Speelman 2017

@