Buitenplaats Sterrenberg

Ligging

Soest - Amersfoortsestraat

Andere benaming

Sternberg, en Groot Sterrenberg. Laatstgenoemde benaming kreeg het buiten teneinde het te onderscheiden van de villa Klein Sterrenberg, die kort na 1900 op het landgoed werd gebouwd(1).

Geschiedenis

In een huurcontract uit 1740 duikt voor het eerst de naam Sterrenberg voor het voorname herenhuis op. Het achterdeel van dit huis had toen nog een meer agrarisch karakter. Verder stonden op het landgoed, dat op dat moment ca 140 morgen groot was, nog een boerenwoning en een schuur.(2)

Bij de verkoop van de buitenplaats in 1805 werd het als volgt omschreven: ‘de vermaakelijk en wel geleege Buijtenplaats genaamt Sterrenberg bestaande in een heere Huising en een boerewooning, twee barge, twee schuere, varrekehok, twee schaapshokke en nog een daghuerderswoning, mitsgaders bouwlande en heijvelt benevens de plantagien considerabele houtgewasse en bossen daar aan behorende’.(3)

Blijkens een huurcontract uit 1812 bevonden zich achter het huis o.a. een paardenstal en een druivenkas.(4)

Op een prentbriefkaart uit het eind van de negentiende/begin twintigste eeuw had het huis op dat moment het karakter van een buiten, bestaande uit een drie verdiepingen hoog (licht hoekig) middendeel, met links en rechts een korte vleugel van twee verdiepingen.(5)

In 1653 kwam een groot perceel grond langs de Amersfoortse Straatweg in handen van mr Eduard van Weede, heer van Weede, Dijkveld en Ratelis (1626-1702). Deze liet op zijn terrein (bestaande uit heidevelden, bouwland en beboste percelen die als een plantagie werden aangeduid) een ‘huijsinge’neerzetten. Waarschijnlijk was dit in de begintijd niet veel meer dan een boerderij (omstreeks 1670 door Huijbert Egbertsz Kool bewoond). In 1703 werd het landgoed op een veiling aan Joachim Wolfsen Berger (1645-1712) verkocht. Zijn zoon, Godard Berger, verkocht het van zijn vader geërfde landgoed in 1730 aan Joannes Wittert. Die deed het in 1737 van de hand aan Jan Maximiliaan van Tuyll van Serooskerken.

Sterrenberg ( in 1740 voor het eerst in een contact, waarbij het achterhuis aan Willem Dirxe van Manen werd verhuurd, zo genoemd) bleef gedurende de periode 1737-1805 in handen van de familie Van Tuyll van Serooskerken. In 1778 werd Frederik Christiaan Hendrik van Tuyll van Serooskerken (1742-1805) eigenaar van Sterrenberg. Hij ging op het huis wonen. De nieuwe eigenaar zat nogal eens in geldnood. In 1803 leende hij geld van mr Paulus Willem Bosch, met genoemde buitenplaats als onderpand. Na het overlijden van Frederik in 1805 verkochten zijn kinderen Sterrenberg aan schuldeiser Bosch.(6 7)

In 1812 verhuurde mr Paulus Willem Bosch van Drakestein (1771-1834), op dat moment ‘Adjoint Maire de la Ville d’Utrecht’, Sterrenberg voor twee jaar aan Victor Jacob Koningsberger. Die was toen ‘commis près la Direction des Domaines de L’Etat’.(8) In 1815 bood hij de buitenplaats opnieuw te huur aan.(9) Sterrenberg bleef tot circa 1900 in het bezit van de familie Bosch van Drakestein. In 1837 stond deze het huis tijdelijk af als noodkerk.(10)

In 1906 werd Sterrenberg door mevrouw Steenberghe bewoond.(11) De laatste bewoner was de familie Mijnhardt (van de gelijknamige farmaceutische fabriek in Zeist).(12) Gedurende de Tweede Wereldoorlog vorderde de Duitse bezettingsmacht het huis en gebruikte dit. Daardoor raakte het sterk onderkomen. In 1948 benutte de Soesterbergse vrijwillige brandweer ‘Groot Sterrenberg’ voor het geven van een brandweerdemonstratie.(13) Kort daarop werd het huis afgebroken.(14)

Bewoners

  • 1696 - Everard van Weede van Dyckvelt
  • 1703 - Joachim Wolfsen Berger
  • - 1730 Godard Berger
  • 1730 - 1737 Joannes Wittert
  • 1737 - 1778 Jan Maximiliaan van Tuyll van Serooskerken
  • 1778 - 1805 Frederik Christiaan Hendrik van Tuyll van Serooskerken
  • 1805 - Paulus Wilhelmus Bosch van Drakestein
  • - 1900 familie Bosch van Drakestein
  • 1812-1814 (huur) Victor Jacob Koningsberger, op dat moment ‘commis près la Direction des Domaines de L’Etat’ (7)
  • 1814- ca 1900 - Familie Bosch van Drakestein
  • - ca 1906 - familie Steenberghe
  • - familie Mijnhardt.

Huidige doeleinden

  • Verdwenen

Bronverwijzing

 

  • (1) G.J.M. Derks en W.A. Heurneman, Soest in de zeventiende en achttiende eeuw (Soest 2010) 219.
  • (2) Derks, Soest, 219, 222.
  • (3) Ibidem, 224.
  • (4) Het Utrechts Archief, notariële protocollen, toeg. nr 34-4, inv. nr U 320.b.01, acte nr 67.
  • (5) Derks, Soest, 225.
  • (6) Ibidem, 220-225.
  • (7) Mr Paulus Willem Bosch was zó kapitaalkrachtig, dat hij in 1806 ook de heerlijkheden Drakestein (met de gelijknamige ridderhofstad) en De Vuursche kon kopen. Sindsdien noemde hij zich ‘Bosch van Drakestein’. Hij werd in 1829 in de adelstand verheven. Nederland’s Adelsboek, jaargang 80 (1989) 291.
  • (8) V.J.M. Koningsberger, Vijfhonderd jaar betrokken. De geschiedenis en genealogie van het geslacht Koningsberger (1485-2010 (Den Haag 2012) 90.
  • (9) Derks, Soest, 225.
  • (10) Dik en Wim Top, Soesterberg van toen en nu (Alphen aan den Rijn 1990) 22 e.v.
  • (11) Bep Lensink en Dik Top, Soesterberg, ”ons dorp” (Alphen aan den Rijn 1990) onderschrift bij foto 15.
  • (12) Idem.
  • (13) Ibidem, onderschrift bij foto 16.
  • (14) Dik Top, Soesterberg van toen en nu, 118

 

Foto's © Albert Speelman 2017

@