Buitenplaats Bronstee

Ligging

Heemstede - aan de oostzijde van de Binnenweg ten noorden van buitenplaats Land en Sparenzicht

Andere benaming

(Bronstéé, Bronsteê, Bron Stee)

Geschiedenis

Het terrein behoorde omstreeks de jaren dertig van de 17e eeuw toe aan Jacob Gerritszoon en later, voor 1668, aan de Amsterdamse koopman, ridder Jean Fontaine. Want op 2 oktober 1668 werd bij verloting van zijn nalatenschap ‘Bronstee’ toebedeeld aan zijn dochter juffrouw Agneta Fontaine, getrouwd met Jacob Schardinel, koopman te Amsterdam.

Op 18 november 1677 koopt Luycas Schorer, hoofdingeland van de Beemster, voor ƒ 28.000,00 de buitenplaats, groot 14 morgen. Hij kon niet lang genieten van zijn bezit, want kort voor 26 april 1681 was hij overleden en op genoemde datum werd de buitenplaats verkocht voor ƒ 30.000,00 door zijn erfgenamen aan Pieter Rendorp te Amsterdam.

Op 1 mei 1682 verkocht hij de buitenplaats voor ƒ 27.000,00 aan Cornelis van Bambeek, schepen te Amsterdam. Cornelis vergrootte de hofstede met nog 5 morgen, zodat deze bij verkoop op 3 oktober 1713 ƒ 13.900,00 opbracht. De koper was mr. Joan de Graeff, heer van Zuid Polsbroek, heer van Purmerend en Ilpendam, schepen en raad van Amsterdam.

Na het overlijden van Joan de Graeff verkoopt zijn weduwe de hofstede op 23 november 1720 voor ƒ 21.683,00 aan Tomas Perrin. Tomas werd in 1721 failliet verklaard en de curator verkoopt het buiten voor ƒ 19.100,00 aan mr. Joan Fontaine, koopman te Amsterdam.

Mr. Jacob Hop, vrijheer van de Lek, Lekkerkerk en Zuidbroek, schepen en raad van Amsterdam, verwierf ook Bronstee. Na zijn overlijden, verkocht zijn weduwe Geertruid Lestevenon, de hofstede op 2 mei 1783 voor ƒ 80.800,00 aan mr. Jacob Alewijn. De tijdsomstandigheden werden slechter, dat ondervond de weduwe van mr. Jacob Alewijn, die bij de verkoop op 5 november 1798 aan Frederik Lodewijk Braunsberg, bankier te Amsterdam maar ƒ 56.000,00 kreeg.

Weduwe Braunsberg-Kluppel, waarna Bronstee en andere bezittingen zijn verdeeld onder kinderen en aangetrouwde personen. De stiefdochter Gijsberta Johanna Harderwijk erfde 5/48ste deel van de buitenplaats.

Pas in 1817 werd zij formeel eigenaresse van Bronstee. Zij was in gemeenschap van goederen getrouwd met bankier David Splitgerber (1767-1843).

Na het overlijden van David op 7 mei 1843 verkocht zijn weduwe het herenhuis en alle toebehoren aan twee Heemsteders: Govert van den Aardweg en Maarten Vester. De buitenplaats werd verkaveld. Eind 1855 is het herenhuis, annex mangelkamer, was- en boenhokken voor ƒ 12.000,00 voor de sloop in 1856 verkocht. Het restant van de hofstede is in 5 kavels verkocht. De totale opbrengst bedroeg ƒ 41.500,00.

Omstreeks 1877 was er alleen nog een poort en de boerderijen Oud en Nieuw Bronstee over.

Bewoners

  • - Jacob Gerritszoon
  • - 1668 Jean Fontaine
  • 1668 –1677 Agneta Fontaine x Jacob Schardinel
  • 1677 – 1681 Luycas Schorer
  • 1681 – 1682 Pieter Rendorp
  • 1682 – 1705 Cornelis van Bambeek
  • 1705 – 1713 weduwe Haasje Hooft
  • 1713 – 1720 Joan de Graeff x Johanna Hooft
  • 1720 Johanna Hooft
  • 1720 - 1721 Thomas Perrin
  • 1721 - Joan Fontaine
  • - 1776 Jacob Hop x Geertruyd Lestevenon
  • 1776 – 1783 Geertruyd Lestevenon
  • 1783 – 1798 Jacob Alewijn
  • 1798 – 1812 Frederik Lodewijk Braunsberg
  • 1812 -1814 weduwe Braunsberg-Kluppel
  • 1817 – 1843 Gijsberta Johanna Harderwijk x David Splitgerber
  • 1843 – Govert van den Aardweg en Maarten Vester
  • 1856 sloop buitenplaats

Huidige doeleinden

  • Verdwenen

Bronverwijzing

  • Noord-Hollands Arcadia
  • Website Librariana - Een weblog gewijd aan bibliotheken, boeken en verzamelen alsmede aan historisch Heemstede en Zuid-Kennemerland
  • Groesbeek, J.W. - Heemstede in de historie - 1972 - pag 80-81

Foto's

Foto's © Albert Speelman 2018

@